Sleutels

De g-sleutel gaat vier keer door de tweede lijn.
Op deze lijn staat de g.


De g-sleutel is voor de hoge tonen. Hij wordt ook wel vioolsleutel genoemd.








Op de volgende pagina komen de alt- en de tenorsleutel aan bod. Nog een pagina verder wordt aandacht besteed aan de centrale c.








Nog een sleutel

Heeft een notenbalk een f-sleutel, dan staat er een f op de lijn tussen de twee puntjes.


De f-sleutel heet ook bassleutel. Hij wordt gebruikt voor lage tonen.







Voor VlamingenKlik hier voor de Vlaamse versie.

Hulplijnen2 Hulplijnen